Knunnekes 44 jaor - 'n daverend alaaf!
C arnaval is wellicht zo oud als de mensheid zelf. Er is - om welke reden dan ook - blijkbaar altijd behoefte aan dit sterk tot de verbeelding sprekende gebruik. Of het nu gaat om het aanroepen van goden, het terugver- langen naar de wedergeboorte van de natuur of het laatste feest voor de grote vasten begint. Carne vale, vaarwel vlees, één van de verklaringen van het woord carnaval. Carnaval is onlosmakelijk met de mensheid verbonden in welke vorm dat dan ook gevierd wordt. Het carnaval of @vastenaovend zoals het ook wordt genoemd is in Groenlo ook al een heel oud gebruik. Dat blijkt wel uit één van de bijgevoegde documenten. Van oudsher was het zuiden van het land, waar de katho- lieken talrijk waren, het el dorado voor het carnaval. We konden daarvan kennis nemen door een zich steeds meer uitdijende nieuwsvoorziening. En gaandeweg kwam het carnaval ook boven de grote rivieren in zwang. Aanvankelijk alleen nog in clubs, in verenigingsverband. Maar de groei van de welvaart bood de mogelijkheden om dit feest ook grootser, uitbundige en algemener te vieren. In de jaren zestig van de vorige eeuw toen de welvaart met sprongen vooruitging, was ook hier in Groenlo het natuur- lijke moment gekomen om carnaval uit de beslotenheid van clubs te halen. De KJMV, (de Katholieke Jonge Middenstands- vereniging), de KPJ ( Katholieke Plattelands Jongeren), de hier opererende Limburgse Club, het waren verenigingen en organisaties die al intensief maar in beslotenheid carnaval vierden. Vaak ook al met een eigen prins en andere carna- valsgebruiken. Het zat er aan te komen dat er één carnavalsvereniging zou ontstaan die zich ging bezighouden met de organisatie van dit festijn voor iedereen. Een festijn dat ook zo goed paste en past bij het katholieke Groenlo en bij de geest van de Grollenaren. En dat gebeurde in 1963 toen een aantal Grollenaren hun stadgenoten opriep voor een vergadering om een algemene carnavalsvereniging op te richten. Daar ligt dus de oorsprong van de Knunnekes. Die brief maakte in feite de eerste stap op weg naar de op- richting van de Knunnekes mogelijk. Niet met 12 apostelen maar met 11 |onwieze leden van de raad van elf| werd het algemene carnaval hier tot stand gebracht. En net als met de 12 apostelen ging het hier ook crescendo en nu na 44 jaar kennen we een bloeiende carnavalsvereni- ging met mooie tradities, gebruiken en uitstraling. Hoe dat allemaal tot stand is gekomen, hoe de ontwikkelin- gen daarvan verder zijn geweest en met alle ups en downs dat leest u allemaal in dit boek. Inmiddels is het een bijna eindeloze rij van carnavalisten die elk op hun eigen wijze hebben bijgedragen en kleur hebben gegeven aan de uitbouw van het Grolse Carnaval. 44 jaar Grols carnaval dat hebben we dus met zijn allen gedaan. Iedereen met naam en toenaam noemen is onbegonnen werk. Maar het is op de eerste plaats de Grolse volksgeest, de Grolse volksaard die het carnaval bestaansrecht geeft. Eigenlijk dus alle Grollenaren en in die vruchtbare grond is het carnaval gegroeid en uitgebot. Een geschiedkundig overzicht met veel foto s, veel anekdo- tes en veel humor en ook veel @beroerde momenten dat maakt een mensenleven altijd interessant en boeiend en dat is ook zo bij de geschiedenis van de Knunnekes. Wij bedanken hier ook iedereen die op enigerlei wijze heeft meegewerkt aan dit boek. Of dat nu is door het beschikbaar stellen van foto s, brieven, knipsels of mondelinge informa- tie. Het is een boek geworden voor en van de Grollenaren en als zodanig ook een stuk geschiedenis van Groenlo, een stuk kleurrijke geschiedenis die is vastgelegd. Het is dus een bloemlezing en daarvan zei de beroemde schrijver Menno Ter Braak vOp een bloemlezing valt altijd wel iets aan te merken en meestal veelv. Ondanks die beperking völle plezeer d r met $e RedaCtIe VOOR8OORD 1 19 -1974 • ‘n daverend alaaf! • 44 jaar Knunnekes
Made with FlippingBook
RkJQdWJsaXNoZXIy Mzg0NjU=